'Is hij al geweest', appte zoonlief.
'Nee.'
'Om 1 uur begint mijn werkgroep, hoor', zei dochterlief. 'Jaahaa.'
Om half 11 kwam het verlossende telefoontje.
'Ik kom er aan, heeft u klachten?', vroeg hij.
'Nog niet', zei ik. Maar zo bedoelde hij het niet, lachte hij.
Even later ging de bel. Voor de deur stond de monteur. Mondkapje voor, koolzwarte ogen erboven.
'Mooie jas', zei ik. 'Canada Goose, duur.' Hij grinnikte. Ik hobbelde achter hem aan, mijn neus in de lucht, 'Paco Rabanne?'
Hij knikte. 'One Million.'
Toe maar. Ik opende kasten, verschoof tafeltjes, reikte dozen aan.
'Koffie?' Dat wilde hij wel. En of de haspel daar moest blijven?
'De wat?'
'De haspel!'
'Oh, de ronde stekkerdoos', zei ik. 'Nee, die mag de kast in.'
Na een half uur had ik een supersnelle glasvezelverbinding. We testten nog even de snelheid, gebroederlijk loerend naar het metertje, ik met een gezichtsuitdrukking alsof ik ook maar enige notie had van wat daar op het scherm gebeurde, hij wijzend en verklarend. Het was in orde. Nou bedankt, hè. Dag mevrouw. Dag meneer.
Des middags om 14.10 uur rende mijn dochter mijn werkkamer binnen. 'Godverdegodver...!', gezicht in paniekstand.
'Ik weet het', zei ik, 'geen internet'.
'U bent de 7e beller', zei T-Mobile.
'Ik kom er aan, heeft u klachten?', vroeg hij.
'Nog niet', zei ik. Maar zo bedoelde hij het niet, lachte hij.
Even later ging de bel. Voor de deur stond de monteur. Mondkapje voor, koolzwarte ogen erboven.
'Mooie jas', zei ik. 'Canada Goose, duur.' Hij grinnikte. Ik hobbelde achter hem aan, mijn neus in de lucht, 'Paco Rabanne?'
Hij knikte. 'One Million.'
Toe maar. Ik opende kasten, verschoof tafeltjes, reikte dozen aan.
'Koffie?' Dat wilde hij wel. En of de haspel daar moest blijven?
'De wat?'
'De haspel!'
'Oh, de ronde stekkerdoos', zei ik. 'Nee, die mag de kast in.'
Na een half uur had ik een supersnelle glasvezelverbinding. We testten nog even de snelheid, gebroederlijk loerend naar het metertje, ik met een gezichtsuitdrukking alsof ik ook maar enige notie had van wat daar op het scherm gebeurde, hij wijzend en verklarend. Het was in orde. Nou bedankt, hè. Dag mevrouw. Dag meneer.
Des middags om 14.10 uur rende mijn dochter mijn werkkamer binnen. 'Godverdegodver...!', gezicht in paniekstand.
'Ik weet het', zei ik, 'geen internet'.
'U bent de 7e beller', zei T-Mobile.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten